Hakken, harken en herintreden

Ik stuur dit maar niet naar Het Parool, want kritiek op de slechte journalistiek in hun krant zullen ze niet plaatsen..

Vandaag verscheen een juichend artikel in Het Parool over het disciplineringsproject de Vinkebrug van de stichting Herstelling Werk en Uitvoering in Amsterdam, die zich meer in zijn algemeenheid bezig houdt met door werklozen gehate disciplineringstrajecten waar mensen jarenlang met behoud van uitkering moeten werken en waar de afgelopen drie jaar veel klachten over waren, waarbij de slechte mensonterende behandeling van de werklozen naar voren kwam ook in de publiciteit. Het valt me op hoe geraffineerd die Youri vd Lugt directeur van de Herstelling altijd weer de pers voor zijn karretje weet te spannen. Wij hebben van verschillende dwangarbeiders aan de Laarderhoogtweg gehoord dat als de pers komt, of een gemeenteraadslid bv, bepaalde mensen naar voren geschoven worden en anderen die er onderdoor gaan en kritiek hebben naar huis worden gestuurd of plotseling een opdracht elders krijgen, zodat ze er niet bij zijn. Dat doen ze ook als de wethouder komt. De vorige wethouder Van Es praatte in de veronderstelling dat ze met werklozen praatte, zelfs met taakgestraften in het Amsterdamse Bos, die blij waren dat ze er met een taakstraf vanaf kwamen en die haar van alles op de mouw hebben gespeld hoe prachtig het er was. Ze zijn er werkelijk heel geraffineerd in om een bepaald vals beeld neer te zetten. Dat van die uitstroom is volgens ons lariekoek. Maar… de parool journalist schrijft het op zonder te vragen of te controleren. Hoe krijgen ze het voor elkaar. Slimme adviseurs publiciteit? Youri van der Lugt weigert cijfers beschikbaar te stellen over de aantallen mensen die op de verschillende projecten werken, wat hun kenmerken zijn of tot welke categorie ze qua leeftijd en opleiding behoren, waar degenen die uitstromen naartoe gaan en hoeveel mensen afhaken, cq ziek worden of om andere redenen niet meer aan de trajecten deelnemen, omdat ze uitgesloten worden van de uitkering. Wij hebben iemand op bezoek gehad vorige week, die helemaal niet tot de top 600 behoort, nog nooit een vlieg kwaad heeft gedaan, maar wel een grote sterke, donkere kerel van even in de twintig, met zware schoenen. Nou zo ziet een criminele jongere eruit, begrijp je? Hij heeft eerst op de Laarderhoogtweg gewerkt en moest nu naar de Vinkebrug. In het artikel zelf staat trouwens dat ‘enkele herintreders die niet tot de top 600 behoren’ er moeten werken. Enkele? Het wordt niet nagevraagd. De journalist is ze waarschijnlijk tegengekomen en heeft er even naar gevraagd, of De Herstelling heeft erop geanticipeerd en het hem meteen verteld, zodat er niets aan de hand is als de journalist bij toeval tegen zo iemand aanloopt. Hoe is het mogelijk. Maar misschien velen zullen ermee worden bedreigd zonder dat uiteindelijk de dreiging wordt uitgevoerd. Het wordt breed als stok achter de deur ingezet, denk ik bij het dwi. De redenering dat er een verband bestaat tussen de statistische gegevens over criminaliteit in Amsterdam en het project de Vinkebrug is flinterdun. Een verband is nooit aangetoond. Maar de Parool journalist slikt het voor zoete koek. De directeur van de Herstelling ventileert wel allerlei vage veronderstellingen over verbanden die er misschien-wellicht zouden kunnen zijn, maar misschien ook niet, maar concrete harde cijfers noemt hij niet. Het lijkt me niet waarschijnlijk dat de werkelijke top 600 tot de geselecteerden behoort, want de uitkering stopzetten wordt gebruikt als stok achter de deur om iemand te dwingen aan het project deel te nemen, en de top 600 loopt met geld op straat zonder uitkering. Die gaan niet naar de Vinkebrug. Tenzij ze onder druk worden gezet, zoals uit het artikel blijkt, omdat de geselecteerden strafvermindering krijgen op voorwaarde dat ze bij de Vinkebrug in traject gaan. Wanneer ze het traject niet afmaken, moeten ze weer de gevangenis in. Maar hoeveel dat er zijn? We tasten volledig in het duister. En daarmee is het een vaag, nietszeggend artikel waarin voor de zoveelste maal de feiten niet over het voetlicht worden gebracht en de voorstanders van onbewezen algemeenheden in de Amsterdamse bureaucratie op het gebied van beleidsdoelstellingen van de overheid door kunnen gaan met hun ongecontroleerde praktijken.

Piet.

 

Parool van vandaag

Hakken, harken en herintreden

TEKST MARTIN KUIPER FOTO’S MARC DRIESSEN

In een boomgaard tussen Haarlem en Amsterdam proberen oud-mariniers criminelen uit de Top 600 te helpen hun leven op de rit te krijgen.

Het is dinsdagmorgen, tien uur. Een straffe wind giert over de blubberige boomgaard in de Houtrakpolder, tussen Amsterdam en Haarlem. Houtsnippers vliegen in de rondte. Boomtakken zwiepen tegen de groene bouwkeet. Daarbinnen ontvangt Nico Kemper – voormalige bouwvakker en ‘geschoold door de ervaringen van het leven’ – de moeilijkste draaideurcriminelen van Amsterdam. Van moordenaars tot straatrovers, inbrekers, drugsdealers en loverboys, ze komen allen met één doel: een betere toekomst.

“Waar was je nou gisteren, man?” vraagt re-integratieconsulent Nico Kemper van de Dienst Werk en Inkomen (DWI) verbaasd aan 26-jarige Redouan.

Redouan: “Ik zat vast.”

Kemper: “Vast?”

Redouan: “Ja, in Dalfsen of zo. Ik had geen vervoer terug.”

Deze boomgaard wordt gebruikt door Stichting Herstelling, onderdeel van DWI en gespecialiseerd in re-integratieprojecten voor mensen ‘met een grote afstand tot de arbeidsmarkt’. In 2011 begon Stichting Herstelling met de gemeente Amsterdam De Vinkebrug, een re-integratietraject voor Amsterdamse Top 600-lieden. Veelplegers, louter mannen, die niet geschikt zijn voor andere werktrajecten, krijgen er een spoedcursus in sociale en werknemersvaardigheden. En het bijzondere is: dat gebeurt onder het strenge regime van oud-leden van het Korps Mariniers. Het concept blijkt een succes, deze week begint in Rotterdam eenzelfde traject.

De statistieken zijn goed: minder overlast op straat (het aantal delicten daalde aanzienlijk), vijftig procent blijft na deelname uit de criminaliteit, en een deel van de mannen vindt een geschikte baan, opleiding of dagbesteding.

Dat was voorheen wel anders, zegt Yoeri van der Lugt, directeur van Stichting Herstelling. De eerste projecten van de stichting vonden plaats op de forten van de Stelling van Amsterdam die onder begeleiding van bouwvakkers werden hersteld. “Dat waren geen maatschappelijk werkers. Zij leerden die mannen gewoon te werken, met als uiteindelijk doel gedragsverandering. Dat werkte heel goed, ook doordat ze buiten de stad werkten waardoor het lastig was om weg te lopen. Maar met die Top 600-jongens was het een heel ander verhaal. Die luisterden niet en bedreigenden en intimideerden de boel. Er kwam niks van die mannen terecht. Daarom hebben we oud-mariniers gevraagd. Die zitten er vol op en zijn niet bang.”

Dat betekent niet dat de re-integratie nu vanzelf gaat. Deze doelgroep is grillig en de kans dat een Top 600-jongen in zijn vroegere routines terugval, is groot. Ook Kemper weet dat de weg naar re-integratie lang is. Hij pakt een stift en tekent een weggetje op het whiteboard. Een hobbelig weggetje, vol met kuilen en scherpe bochten. In de berm staan de foute vrienden al te wachten. “Die gasten zeggen: ‘Kom chillen, man. Ga mee spacen en pakken geld verdienen, barkies’.” Barkie is straattaal voor honderd euro.

Via die berm waar hun foute vrienden staan, belanden de jongens terug in het riool. In het riool van de criminaliteit, zegt Kemper. Een plek waar hij geen zicht meer heeft op de jongens. “Dan denk je dat zo’n jongen er bijna is. Fanatiek, gemotiveerd, altijd aanwezig. Tot hij plotseling niet komt opdagen. Dan hoor je later dat hij in het weekend is opgepakt en weer vastzit.”

Laatkomers moeten lopen

De problemen beginnen al op jonge leeftijd, zegt oud- marinier en werkplekbegeleider Arjen van Egmond – een potige einddertiger, in een windjack en op kisten. “Veel mannen kampen met een verstandelijke beperking of een gedragsstoornis. Ze hebben vaak een moeilijke jeugd: vaders is uit beeld en moeders draait op voor het gezin. Ze lopen vaak bij verschillende instanties als schuldhulpverlening, psychiatrische hulp en verslavingszorg.”

Ook op school gaat het stroef. Het tempo ligt te hoog. De rapporten vallen tegen. En de jongens hebben moeite met de autoriteit van de docent. “Ze worden van verschillende scholen gestuurd,” zegt Van Egmond, en zo wordt het dagelijkse ritme van deze mannen uitslapen tot laat in de middag en dan tot diep in de nacht rondhangen op straat. Daar begint het gelazer met diefstalletjes, inbraken, drugs verkopen; zo komen ze voor het eerst in contact met de politie.

Ook Redouans criminele carrière begon al op jonge leeftijd. Zijn criminele cv – hij zat vijf jaar vast – staat vol inbraken, straatroven, mishandelingen en talrijke keren rijden zonder rijbewijs. Nu stapelt hij houtblokken in een drassige boomgaard onder de rook van Amsterdam.

Op De Vinkebrug, waar naast de Top 600-klanten ook enkele andere herintreders aan het werk zijn, verlopen de dagen volgens een vast patroon. De mannen worden om 8.00 uur opgepikt op Station Sloterdijk. Een wit busje brengt ze naar de boomgaard – laatkomers moet lopen. Wie naar wiet of alcohol ruikt, krijgt een waarschuwing en wordt naar huis gestuurd. Wegblijvers – Kemper steekt er de helft van zijn tijd in, zegt hij – worden thuis opgezocht en krijgen ook een waarschuwing. Die kan leiden tot een officieel ‘verweer’, wat inhoudt dat de uitkering gekort wordt of, in het ergste geval, helemaal niet wordt uitgekeerd.

Van 9.00 tot 14.00 uur wordt er gewerkt in de boomgaard; telefoons worden vooraf ingeleverd bij de begeleider. Snoeien, harken, houthakken en kloven. Simpele klusjes die voor structuur en regelmaat zorgen in de chaotische levens van de mannen. En er zijn trainingen in basis- en werknemersvaardigheden. Vragen als: wat zet je zoal op je cv? (Kemper: “Die dingen zitten vaak vol gaten.”) En hoe gedraag je je tijdens een sollicitatiegesprek? Het zijn praktische zaken, waar de jongens veel hulp bij krijgen, volgens DWI-consulent Kemper. “Veel van die gasten hebben nog geen dag in hun leven gewerkt. Dan zitten ze bij zo’n sollicitatiegesprek en knikken ze ja, maar dan begrijpen ze er eigenlijk de ballen van.”

Van 9.00 tot 14.00 uur wordt er gewerkt in de boomgaard; telefoons worden vooraf ingeleverd bij de begeleider. Snoeien, harken, houthakken en kloven. Simpele klusjes die voor structuur en regelmaat zorgen in de chaotische levens van de mannen. En er zijn trainingen in basis- en werknemersvaardigheden. Vragen als: wat zet je zoal op je cv? (Kemper: “Die dingen zitten vaak vol gaten.”) En hoe gedraag je je tijdens een sollicitatiegesprek? Het zijn praktische zaken, waar de jongens veel hulp bij krijgen, volgens DWI-consulent Kemper. “Veel van die gasten hebben nog geen dag in hun leven gewerkt. Dan zitten ze bij zo’n sollicitatiegesprek en knikken ze ja, maar dan begrijpen ze er eigenlijk de ballen van.”

Na het werken is het tijd voor beweging. Drie maal per week sporten de oud-mariniers met de mannen. Fitness, hardlopen, zwemmen – dat werk. Sporten is goed voor de eigenwaarde, zegt begeleider Van Egmond, die merkte dat vooral Marokkaanse jongens er een hekel aan hebben om in hun zwembroek te lopen. “Ze schamen zich kapot. Het sporten kan ze de eigenwaarde teruggeven.”

Ook vandaag wordt er gesport, maar eerst moeten de jongens de houtblokken voorsorteren en kloven. Het tempo ligt laag. Of het zwaar werk is? Denzel (20), sinds vier maanden op De Vinkebrug, vindt van niet. Leuk dan misschien? Ja, deze Amsterdammer is blij met de regelmaat die het traject creëert; hij wil later graag de asbestverwerking in. Daar heeft Van Egmond alle vertrouwen in: “Ik zie dat hij wil werken. Hij is supergemotiveerd.”

Klem geluld

Redouan is minder gemotiveerd. Hij doet nauwelijks zijn best en komt regelmatig niet opdagen. En daar confronteert Kemper hem vandaag mee.

Kemper: “Maar waarom bel je niet af? Daar hadden we toch afspraken over gemaakt?”

Redouan: “Ik had geen beltegoed.”

Kemper: “Dan laat je m’n telefoon toch één keer overgaan.”

Redouan: “Ik had je nummer ook niet.”

Kemper: “Je weet wat de consequenties zijn.” Hij probeert Redouan aan te kijken, maar die kijkt naar de grond. “Dan moet we maatregelen nemen en je gezinsuitkering korten. Of misschien moet je zelfs de laatste maand van je detentie uitzitten.”

Redouan knikt.

“Hij had zich klem geluld,” zegt Kemper later, die via Van Egmond had gehoord dat Redouan in het weekend naar een Surinaams feest was geweest in de Heineken Music Hall. “Daar had hij een meisje leren kennen.”

Redouans verhaal over het aanvragen van en andere uitkering baart hem ook zorgen. Dat wijst, zegt hij, mogelijk op uitkeringsfraude. En zijn verhaal over verwoede sollicitatiepogingen is onzin, volgens Kemper.

Een dag later zijn Redouan en Denzel beiden afwezig. Denzel heeft zich verslapen en is onderweg, maar Redouans re-integratieproject wordt stopgezet. Hij moet zijn laatste maand detentie uitzitten. Kemper: “Hij mag terugkomen op De Vinkebrug als hij die maand heeft uitgezeten. Dan beginnen we weer van voren af aan.”

Of Kemper zich wel eens machteloos voelt? Tuurlijk, zegt hij, maar er zijn ook genoeg succesverhalen. Hij wordt regelmatig gebeld door oud-deelnemers. Laatst nog kwam hij een oude Top 600-klant tegen, die nu getrouwd is, een kind heeft en een baan als verkeersregelaar. “Daar doe je het voor. Al is het er maar eentje die je uit de criminaliteit kan trekken. Dat is al genoeg.”

Uit privacyoverwegingen zijn de namen Redouan en Denzel gefingeerd.

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>